ADAPTABILITY

Welke kies jij uit de 4 manieren van aanpassen? Zoals je ergens op reageert, zo reageer je altijd! Jouw keuze bepaalt wat er verder met je gebeurt. Wat doe jij als je in een situatie zit die je niet bevalt of niet goed voor je is? Loop je weg en laat je de boel achter je instorten? Laat je het maar zo en roei je gewoon verder met de riemen die je hebt? Of gebruik je je fantasie om eruit te ontsnappen en creëer je nieuwe regels en omstandigheden?

In de bouwwereld zie je deze reacties alledrie, maar daarmee mist er nog een oplossing. Jij hebt het meeste aan bouwers en gebouwen met aanpassingsvermogen. Daar horen nieuwe regels bij, want jij wil de beste garantie dat je krijgt wat jij nodig hebt; nu en in de toekomst. Aanpassingsvermogen als nieuwe strategie. Wat levert dat voor jouw op?

Aanpassingsvermogen is echt het sleutelwoord voor toekomstig succes. Dat geldt voor ieder aspect van het leven, zowel persoonlijk als zakelijk. Ik las het boek Adaptability van Max Mckeown. Een 46-jarige Engelse schrijver, adviseur en onderzoeker gespecialiseerd in innovatie strategie, leiderschap en cultuur. Zijn werk helpt me om wat er in de bouwwereld (niet) gebeurt van een afstand te bekijken en te zien wat nodig is.

Vier niveaus van aanpassingsvermogen

Evolutie, het is gezegd, kan het niet schelen wat je denkt. Het geeft om wat we doen. Evolutie selecteert op basis van de acties. Hetzelfde kan gezegd worden van tijdelijke gedragsadaptatie. Het succes van een bepaalde bewerking wordt beoordeeld op het effectiever bereiken van resultaten op een wijze dat de persoon of groep gewenst vindt. Het is niet genoeg om te denken.

Als er iets is wat om aanpassingsvermogen vraagt dan is het wel een crisis. De economische crisis heeft in de bouwwereld tot verschillende reacties geleid. Ik herleid ze hier naar de vier niveaus van aanpassingsvermogen beschreven door McKeown:

Niveau 1: Instorten

Instorten betekent het einde van een maatschappelijke groep. De groep functioneert niet meer. De groep is niet in staat de veranderende situatie het hoofd te bieden.

Vertaald naar de bouw: Niet meer bouwen. Het aantal bouwprojecten dat in Nederland de afgelopen jaren is stilgelegd of afgeblazen is indrukwekkend. In plaats van de gebruikelijke 60.000 woningen bouwden we er maar 20.000 per jaar. Veel ontwikkelaars, architecten en aannemers hebben het niet overleefd. Daar komt bij dat veel grondprijzen die vóór de crisis zijn vastgesteld naar de toekomst toe totaal niet realistisch zijn. Daar hebben bijvoorbeeld gemeenten veel last van in hun grondopbrengsten.

Niveau 2: Overleven

Overleven is meestal beter dan instorten omdat de groep dan blijft bestaan. Het probleem is wel dat de situatie niet echt wenselijk is of zelfs ellendig kan zijn. De groep beschikt nog steeds over middelen, functioneert nog als groep in verschillende vormen, maar mensen zijn niet tevreden. Ze groeien of ontwikkelen zich niet.

Vertaald naar de bouw: Op de oude manier doorgaan. Na een paar jaar afwachten hebben partijen dezelfde draad weer opgepakt bij het enigszins aantrekken van de markt. Beleggers in gebouwen voor verhuur houden stug vast aan het idee dat zij niet gebaat zijn bij afwijkingen tussen woningen. Dat zou de eenvoud van beheer en onderhoud aantasten. Ze geloven bewoners niet die aangeven zelf graag de verantwoordelijkheid te nemen voor hun inbouw. Ze vinden meer uren toezicht noodzakelijk. De belegger ziet deze mogelijkheden als weggegooid geld.

Niveau 3: Floreren

Floreren is beter dan het wel redden want de groep, of het grootste deel daarvan, geniet succes in de huidige situatie. De beloning voor de dagelijkse inspanning is de moeite waard en er zijn meer winnaars dan verliezers.

Vertaald naar de bouw: Zelf bouwen als opdrachtgever en alles zelf uitvinden op eigen risico. Het aantal bouwprojecten dat onder (Collectief) Particulier Opdrachtgeverschap wordt gerealiseerd neemt nog steeds toe. Deze een-op-een-aanpak zorgt voor hoge kosten, risico’s die je niet overziet en mogelijk misbruik van jou omdat je geen professional bent. Jij als opdrachtgever en de opdrachtnemer werken samen aan een uniek nieuw project. Je hebt lang niet van alles verstand. Waarom zou je daar dan verantwoordelijk voor willen zijn?

Niveau 4: Overstijgen

Overstijgen geeft mensen de ruimte om te ontsnappen aan de beperkingen van de bestaande situatie en daar boven uit te stijgen. Hun inspanning creëert een nieuwe situatie en een nieuw spel met nieuwe regels en een verbeterde uitkomst op de lange termijn.

Vertaald naar de bouw: Zelf Open Bouwen: de professionals bouwen het gebouw (de drager) en jij bestelt zelf de inbouw. Liefst bij een partij die in de showroom kan laten zien wat je geleverd gaat krijgen. Je loopt er eerst doorheen, voordat je koopt. Dat werkt pas goed als we bouwen benaderen als systeem en niet telkens opnieuw als los project. Waarom dat veel beter is voor jou beschrijf ik in een ander blog. In Den Haag wordt inmiddels 50% van het bouwvolume met ZelfBouwen gerealiseerd. In Amsterdam is het inmiddels zo dat zelfbouw in concurrentie met andere zelfbouwers, ontwikkelaars en corporaties moet worden aangeboden aan de gemeente. De hoogste opbrengst is vaak bepalend voor de gunning waardoor vele ZelfBouwers niet aan bod komen. Ontwikkelaars en Corporaties kunnen het gebouw ook leeg opleveren, waarna jij Zelf kunt (laten) INBouwen! Zo’n project is SOLIDS in Amsterdam, maar er zijn veel betere voorbeelden in o.a. Nederland, Finland en Japan te vinden.

Open Bouwen als toekomst onderdeel

Met Open Bouwen overstijgen we de huidige regels die onder andere bepalen dat een ontwikkelaar verantwoordelijk is voor zowel de drager als de inbouw. Jouw badkamer, keuken, ruimtelijke indeling en persoonlijke installaties voor licht, lucht en elektriciteit zijn een last voor hem en een lust voor jou. Tenminste als je daarin je eigen keuzen kunt maken en de verantwoordelijkheid voor de kwaliteit kunt laten dragen door de aanbieder.

We gaan voor duurzaam

Open Bouwen heeft nog een groot voordeel nu er steeds meer aandacht komt voor circulaire principes in de bouw. Daarmee bedoel ik dat grondstoffen, materialen en (gebouw)onderdelen kunnen worden teruggewonnen en hergebruikt. De bouw is nog steeds de grote materialen- en energieverbruiker met meer dan 40% op al die lijstjes met grondstof- en energieverbruik, CO2-uitstoot enzovoorts. Aanpassingsvermogen is een voorwaarde voor circulaire bouw en op tijd en ontwikkeling gericht ontwerpen.

Time-Based Design

Time-Based Design is dan ook een van de drie hoofdonderwerpen op het symposium ‘Circularity in the build environment’ dat de TU Delft op 1 juli 2016 organiseerde. Ik leidde die dag een workshop over ‘Time Base Design’ waarin we onder andere kijken wat we kunnen leren van Japan en Finland. Dit blog schreef ik tijdens mijn reis door Japan, op zoek naar de nieuwste ontwikkelingen daar. Ik deel ze graag met je zoals in de publicatie vanuit Cirkelstad.

Neem de volgende stap en deel je ervaringen

Wil je een volgende stap maken? Kom naar de GRATIS* Masterclass. Gaan we aan het werk met praktische tools om de acties uit mijn ebook direct te implementeren in jouw organisatorische, fiscale of financiële projecten en organisatie.

Praat mee

Weet jij hoe je op die nieuwe manier gaat bouwen en wat je daarvoor nodig hebt? Wat is het aanpassingsvermogen waar je het meeste behoefte aan hebt of hebt gezien? Deel het in de reacties hieronder.

Op jouw gezondheid en welzijn,

Remko Zuidema

[remko_auteur]

This post is also available in: English