Beter businessmodelStel dat je als eigenaar van een pand niet meer verantwoordelijk zou zijn voor zaken die maar een paar jaar meegaan: de keukeninrichting, de badkamer, de verwarmingsketel. En dat je daarover als huurder juist alle zeggenschap krijgt. Toegegeven, niet iedereen ziet dat nu zitten, vooral bij zeer korte huurduur. Belangrijker nog; dat lijkt helemaal niet te kunnen onder de huidige wet- en regelgeving voor een gebouw. De laatste 5 jaar bewijzen Japan en Finland van wel en ook hoe urgent deze verandering is en hoe goed het resultaat is voor alle betrokkenen.

Ja, er zijn goede sociale, ecologische en economische redenen om dat snel wel mogelijk te maken, daarom heb ik een onderzoek geïnitieerd. Het resultaat daarvan kan een beter businessmodel zijn dat voor zowel pandeigenaren als -gebruikers veel interessanter is. En daarnaast vooral ook voor de overheid en haar maatschappelijke verantwoordelijkheid! Maar…ik heb er wel jouw hulp voor nodig! In dit blog lees je ook wat jouw invloed of bijdrage kan zijn.

Wat is het probleem?

We willen komen tot meer invloed voor de dagelijks belanghebbende in een gebouw. Daarom kijken we naar een nieuwe eigendomsverhouding tussen de eigenaar van een pand en de gebruiker ervan, waarvoor er nog een aantal juridische beren moeten worden opgeruimd. De huidige bouwwet- en regelgeving remt namelijk zo’n verandering. Hoe? Door de manier waarop juridisch eigendom nu op een onlogische manier de keuzemogelijkheden beperkt van beleggers en eigenaren, van gebruikers én van leveranciers. Die beren wil ik van de weg halen, te beginnen met dit onderzoek.

Naar een beter businessmodel

Dat onderzoek naar hoe de eigendomsverhoudingen in bouw en vastgoed anders kunnen, maakt ruimte voor nieuwe relaties en een op alle fronten duurzaam, en daarmee beter businessmodel voor alle betrokkenen. De oplossingen leiden ertoe:

  1. Dat je als belegger/eigenaar alleen hoeft te investeren in die gebouwdelen die echt lang meegaan, en niet meer in de keuken en de badkamer. Je wordt daarmee de zogenoemde ‘drager voor het gebruik’. Je bent dan verlost van de betuttelende regels over inbouw. Zoals de hoogte van binnendeuren en de draairuimte voor rolstoelen achter de voordeur voor iedereen. Je kunt er zelfs voor kiezen om een demontabele gevel als onderdeel van je drager te leasen bij de leverancier waardoor beheer en onderhoud bij de ontwerpende en bouwende partij komen te liggen. Kortom, je haalt meer rendement op minder geïnvesteerd vermogen met minder risico. Zo’n beter businessmodel: wie wil dat nou niet?
  2. Dat je als gebruiker eindelijk de volledige vrijheid hebt om zelf je inbouw te regelen, ook als je geen eigenaar van de gehele woning of het bedrijfspand bent. Je hoeft dus geen eigenaar meer te zijn van de fundering of verdere draagconstructie van een gebouw om je eigen besluiten te mogen nemen over installaties en afbouw. Dus wil je een ander interieur, sanitair, aanrecht of verwarming- of koelsysteem – om wat voor reden dan ook – dan regel je dat gewoon zelf, eventueel inclusief een betaalbare financiering van jouw leverancier.
  3. Dat je als leverancier eindelijk de complete inbouw of onderdelen daarvan rechtstreeks aan de echte gebruiker kunt leveren. In zo’n businessmodel regel je samen de financiering (koop of lease) en maak je afspraken over beheer, onderhoud en – bij verhuizing – herplaatsing. Dus directe besluitvorming van bedrijf naar consument.

Samen staan we sterk

Ik weet zeker dat we dit resultaat samen kunnen bereiken. Dit kan deels met de huidige wet- en regelgeving, maar er kan veel meer als we die op onderdelen aanpassen. En veel van die alternatieven bestaan al in de landen om ons heen! Hoe dan precies dit onderzoek werkt, lees je in mijn onderzoeksvoorstel. Dat kun je kosteloos downloaden, zelfs mee helpen en door resultaten toe te passen.

Voorkom de ‘split incentive’ in plaats van oplossen achteraf!

Het onderzoek en de oplossingen gaan er dus beiden vanuit dat het onderscheid tussen drager en inbouw leidend is voor een beter businessmodel en is een vervolg op de vele onderzoeken vanuit bijvoorbeeld MIT en Ball State University daarover en de praktijk ervaringen in Japan en Finland. De belangen van de gebruiker zijn daarbij gekoppeld aan de inbouw, de belangen van de eigenaar aan die van de drager. Deze duidelijke scheiding van verantwoordelijkheden lost meteen het probleem van de ‘split incentive’ op. Of beter gezegd de nieuwe modellen voorkomen de ‘split incentive’; beter vertaald als conflicterende belangen! Immers nu komen de lasten van kosten vaak bij een andere partij terecht dan diegene die de baten ontvangt. In de nieuwe situatie betaalt de gebruiker zelf voor bijvoorbeeld zijn nieuwe HR-ketel en hij profiteert daarmee ook zelf van een lagere energierekening.

Help je mee?

Wil je helpen om het onderzoek financieel mogelijk te maken of wil je op een ander manier een bijdrage leveren, of wil je juist profiteren van de opbrengsten? Kijk op de speciale pagina. Ook je vragen en suggesties zijn van harte welkom. Ik hoor graag van je.

Neem de volgende stap en deel je ervaringen

Wil je een volgende stap maken? Kom naar de GRATIS* Masterclass. Gaan we aan het werk met praktische tools om de acties uit mijn ebook direct te implementeren in jouw organisatorische, fiscale of financiële projecten en organisatie.

Praat mee

Weet jij hoe je op die nieuwe manier gaat bouwen en wat je daarvoor nodig hebt? Of zitten de huidige gewoonten je juist in de weg? Deel het in de reacties hieronder.

Op jouw gezondheid en welzijn,

Remko Zuidema

[remko_auteur]

This post is also available in: English